Queer

Queer (2024) van Luca Guadagnino opent in het zwoele, klamme Mexico van de jaren 50. De kijker wordt geïntroduceerd aan de soepel door de straten manoeuvrerende William Lee, gespeeld door Daniel Craig. Waar het eerst misschien lastig los te koppelen is van SPECTRE (2015, Sam Mendes), waar Craig als James Bond in Mexico op een van zijn geheime missies moet, wordt het al snel duidelijk dat dit de wereld van Queer is. De achtergrond gemaakt met matte painting, de straten die aanvoelen als een filmset en de kleurrijke, ongemotiveerde lichten dragen allen bij aan de vervreemdende wereld die het universum van Queer definieert. De toon van de boekverfilming van William Boroughs’ gelijknamige novelle is gezet.

Queer volgt Lee terwijl hij in de ban raakt van Eugene Allerton, een veeljongere man die voor Lee een groot mysterie blijkt te zijn. Niet alleen het leeftijdsverschil is een overeenkomst met Guadagnino’s populaire film Call Me By Your Name (2017). Queer is eveneens een verkenning van chemie en vriendschap, wat mannelijkheid definieert en zit vol seksuele spanning tussen Lee en Allerton, oftewel Gene.

De tweeënhalf uur die hierop volgen, voelen nooit langdradig. Vanuit Lee’s belevingswereld belanden we in scène na scène. Ondanks dat we niet veel over zijn achtergrond of identiteit te weten komen, zijn zijn emoties enorm voelbaar. Dit wordt benadrukt door in het camerawerk details te vangen van bijvoorbeeld specifieke attributen in een ruimte, die Lee’s alertheid visualiseren met betrekking tot de wereld om hem heen. De minimale scherptediepte en de onscherpe sequenties benadrukken tevens de wazige roes waar Lee zich door drugs en alcohol in bevindt

Dat er muziek te horen is uit onze hedendaagse popcultuur, denk aan Nirvana en Prince, die contrasteert met muziek uit de jaren 50, afgewisseld met de soundtrack van Trent Reznor en Atticus Ross, past helemaal binnen het vervreemdende plaatje. Verwacht niet, net als in de soundtrack van Challengers, die ook gecomponeerd werd door Trent Reznor en Atticus Ross, opzwepende techno. Nee, de soundtrack van Queer vormt een sensuele, dromerige tegenhanger die de kijker nog verder laat onderdompelen in de vreemde wereld.

Queer heeft iets drukkends, iets benauwends, iets dat constant aan Lee lijkt te knagen. In een van de eerste scènes zien we een ietwat onheilspellend topshot van Lee die meerdere keren terugkomt, alsof hij gevolgd wordt. Het bekeken worden door de buitenwereld, als iets anders, iets geks, iets vreemds, komt in Queer aan de oppervlakte drijven. Lee lijkt namelijk het gevoel te hebben dat hij als iets vreemds gezien wordt. Queer betekent van origine in het Engels vreemd en het is dan ook niet voor niks dat Guadagnino dit als titel koos. In de jaren 50, maar nu nog steeds worden mensen van de queer community nog al te vaak als vreemd gezien. Ondanks dat de community het woord op een positieve manier heeft toegeëigend, is queer nog steeds een afwijkende term die veel onbegrip vanuit de buitenwereld met zich mee brengt. 

In de impulsieve edit, die overeenkomsten kent met Guadagnino’s dromerige Io Sono L’amore (2009), komt het bekeken worden ook terug. Door het vele afwisselen van perspectieven waaruit Lee geschoten wordt, ziet de kijker hem van meerdere hoeken in één scène. 

Verder wordt dit bijvoorbeeld benadrukt in Lee’s stamkroeg Ship Ahoy. Ondanks dat hij zich hier heeft omring met mensen uit de queer community, zijn bijna alle muren van glas. Hij wordt hierdoor constant in de gaten gehouden. Dit wordt benadrukt in vrijwel elke scène binnenshuis, waar geen of nooit gordijnen te zien zijn. Zelfs in de rauwe, expliciete seksscènes waar Guadagnino om bekend staat, dwaalt de camera af naar het raam om te benadrukken dat ook dan de samenleving Lee en Gene bekijkt en een oordeel zal vellen.

Door het altijd bekeken voelen, ontstaat een enorme onrust bij Lee. Het knaagt en dit is in Craigs spel af te lezen. William Lee is geen makkelijk personage om te vertolken. Psychologisch is het een enorm complex karakter, dateen groot deel van de film onder invloed is. Dat Lee in overmatig drank en drugsgebruik is gestort, is misschien niet eens zo gek; de kijker kan sympathiseren met het hoofdpersonage dat eigenlijk veel foute keuzes maakt. Met intense emoties en theatraliteit pakt Craig zijn rol aan, wat resulteert in prachtig spel. Dat Gene hiermee soms overschaduwd wordt is dan wel weer een beetje teleurstellend.

Van de drie hoofdtukken (minus het epiloog) bestaat het laatste hoofdstuk uit een ayahuasca trip, waardoor niet ontkend mag worden dat Queer een vreemde film is.

Naarmate Queer het einde nadert, wordt de sfeer steeds meer psychedelisch, waardoor de kijker langzaam geïntroduceerd wordt aan hoofdstuk drie. In dit hoofdstuk gaan Lee en Eugene namelijk op zoek naar naar het verkrijgen van telepathische krachten in de Amazone, waar ze door middel van de zogenoemde yagé plant in een ayahuasca trip belanden. Het is de angst die Lee drijft om telepathische krachten te vinden, want met een buitenwereld die je niet begrijpt is het fijn om wel te begrijpen wat er in andermans hoofd omgaat.

Dat ze al over telepathische krachten beschikten, voordat ze de plant innamen wordt in Queer steeds duidelijker. In een scène waar Lee Genes ribben wil aanraken, maar slechts een handgebaar maakt, draait Gene zich om en zegt ‘Ik dacht dat je mijn ribben wilde strelen’. 

In de ayahuasca trip zegt Gene tegen Lee dat hij niet Queer is, terwijl hij vervolgens buiten zijn eigen lichaam treedt. Guadagnino lijkt hiermee te willen zeggen dat ons lichaam ons gevangen houdt, waar de maatschappij de stempel van vreemd op gedrukt heeft. De eindeloze repressie van gevoelens, die in dit lichaam schuil gaat, kan buiten het lichaam tot uiting komen. In eerdere scènes is ook al te zien hoe Lee buiten zijn lichaam treedt en in zijn verbeelding bijvoorbeeld Lee’s hoofd streelt in de bioscoop. Ja, we weten dat Lee Eugene begeert, maar toch voelt het niet te dik erbovenop. Want ondanks dat het over begeerte gaat, gaat het vooral over het verlangen om niet stoffelijk te zijn en los te komen van het lichaam waar Lee zich in verkeert en hoe hij door de samenleving wordt bekeken 

Guadagnino weet in Queer een gevoel te vangen dat met woorden niet te omschrijven valt. Het raakt iets onderhuids. Een gevoel van angst die, nu er ook weer toenemende haat is naar de LGBTQ+ gemeenschap, enorm  herkenbaar is voor veel bioscoopbezoekers uit de community.  Er is iets eenzaams in Lee dat, hoe verdrietig het ook is, bij veel van de queer mensen altijd sluimert. We zitten nu eenmaal in deze lichamen binnen deze samenleving. Pas als we sterven kunnen we hieruit losbreken lijkt Guadagnino in het epiloog te willen zeggen. Of zal de kijker hier geen genoegen mee nemen en tot actie komen, zodat wij uiteindelijk allemaal buiten ons lichaam kunnen treden?

Geschreven door Fé Baan

Fé Baan

Plaats een reactie